Heeft een kind evenveel recht op privacy en vrijheid, als de ouders voor zich opeisen?

Dit is een van de meest fundamentele vragen waar de mensheid dezer dagen mee geconfronteerd is, en de toekomst hangt af van hoe we met dit probleem omgaan. Men heeft hier nog nooit voor gestaan. De mens is voor het eerst volwassen geworden; er heeft een zekere rijping plaatsgevonden, en als je volwassen wordt kom je voor nieuwe problemen te staan.


Het kind wordt op een afschuwelijke wijze door de ouders geconditioneerd, en het spreekt vanzelf dat het kind hulpeloos is: hij is afhankelijk van de ouders. Hij kan niet in opstand komen, hij kan er niet vandoor gaan, hij kan zich niet beschermen. Hij is volkomen kwetsbaar, daardoor kan men hem makkelijk uitbuiten.
De conditionering die ouders toepassen, is de grootste slavernij in de wereld; die moet met wortel en tak worden uitgeroeid, pas dan kan de mens voor het eerst werkelijk vrij worden, oprecht vrij, authentiek vrij, want het kind is de vader van de mens. Als het kind verkeerd wordt opgevoed, gaat de hele mensheid de verkeerde kant op. Het kind vormt het zaad: als het zaad zelf vergiftigd is en verdorven door welmenende mensen, mensen die hem het beste wensen, is er geen enkele hoop op een vrij menselijk individu, dan kan die droom nooit waarheid worden.


En ieder kind wordt met zo’n potentiaal aan mogelijkheden geboren, dat als hem wordt toegestaan en hij erin aangemoedigd wordt zijn individualiteit zonder enige belemmering van anderen te ontwikkelen, we een prachtige wereld krijgen; we krijgen dan vele boeddha’s en vele Jezussen, we krijgen dan een geweldig veelvoud aan genieën. Er komt slechts zelden een genie te voorschijn, en dat is niet omdat er geen genieën geboren worden, nee. Er komt slechts zelden een genie voor, omdat het heel moeilijk is aan het conditioneringsproces van de maatschappij te ontsnappen. Slechts een heel enkele keer lukt het een kind enigszins aan die klauwen te ontsnappen.

Elk kind wordt ingesloten door zijn ouders, door de maatschappij, door zijn leraren, door de priesters, door alle gevestigde belangen, ingekapseld in vele lagen conditionering. Hij krijgt een zekere religieuze ideologie: hij wordt gedwongen jood of christen of hindoe of moslim te zijn. Dat is niet zijn eigen keus. En als iemand gedwongen wordt zonder zelf de mogelijkheid van een keuze te hebben, vermink je die persoon, doe je zijn intelligentie teniet; je geeft hem niet de kans te kiezen, je laat hem zich niet intelligent gedragen; je manoeuvreert hem op zo’n manier dat hij alleen mechanisch kan handelen. Hij wordt christen, maar geen christen uit eigen keuze; en wat houdt het in christen te zijn als het niet je keuze is?


Er zijn driehonderd religies op de wereld, en er zijn op zijn minst drieduizend sektes binnen deze religies, en dan is er natuurlijk een mogelijkheid voor heel veel priesters, bisschoppen, aartsbisschoppen, hogepriesters en shankaracharya’s. Die mogelijkheid gaat verdwijnen.
En ik zeg je: religie is één! Dat heeft niets te maken met welke Bijbel, welke Veda of welke Gita dan ook. Het heeft te maken met een liefdevol hart, met een intelligent mens. Het heeft iets te maken met oplettendheid, met een meditatieve instelling. Maar alle gevestigde belangen krijgen het zwaar te verduren.
Daarom leggen ouders die bij een bepaald establishment horen, bij een zekere natie, een bepaalde kerk, een bepaald kerkgenootschap, hun ideeën zeker aan de kinderen op. En het merkwaardige verschijnsel is, dat kinderen altijd intelligenter zijn dan de ouders, omdat de ouders bij het verleden horen, en de kinderen aan de toekomst. De ouders zijn al geconditioneerd, ingepakt, opgesloten. Hun spiegels zijn zo vol stof, dat ze helemaal niets meer kunnen weerspiegelen, die werken niet meer.

Allerhand goden, allerlei bijgeloof worden door ouders doorgegeven. Als een kind geboren wordt, is hij een blanke lei, een tabula rasa; er staat nog niets op. Dat is zijn schoonheid: de spiegel is stofvrij, hij kan duidelijke zien.
Zegt mammie: ‘Jimmy, ben je met je nieuwe broek aan gevallen?’
Jimmy: ‘Ja mam, ik had geen tijd die nog uit te trekken.’

De juffrouw van de eerste klas was haar klas de natuur en haar verschillende categorieën leven aan het uitleggen. Ze vroeg Helena in de voorste rij: ‘Vertel de anderen in de klas eens Helena, ben jij een groente, een dier of een mineraal.’
‘Niets daarvan,’ kwam het directe antwoord, ‘ik ben een echt levend meisje.’

Een groot gezin kon eindelijk naar een groter huis verhuizen. Vroeg een oom zijn neefje een tijdje later: ‘Wat vind je van jullie nieuwe huis?’
‘Gaat wel,’ antwoordde het joch, ‘mijn broertje en ik hebben nu onze eigen kamers, en de zusjes ook, maar die arme mams zit nog steeds met paps opgescheept in dezelfde kamer.’

Een vrouw was tamelijk in paniek toen ze een oude vriendin opbelde, maar de vriendin was in de badkamer, en haar kleine dochtertje nam de telefoon aan.
‘He liefje,’ zei ze, ‘nou moet ik even met iemand praten. Vond ik net dat briefje op de keukentafel, dat mijn man ervandoor is met een andere vrouw. Weg, weg, voor altijd weg! Ik ben zo vol met opgekropte emoties, dat ik gewoon niet weet wat ik moet doen. Ik ben er zeker van dat ik me niet langer kan beheersen.’
‘Dat is goed,’ zei de dochter, laat je emoties gewoon toe, laat jezelf gaan. Niets doet je in deze situatie beter, dan er eens hard om te lachen.’
Ieder kind wordt intelligent geboren, helder, schoon, maar dan beginnen we het onder allerlei rotzooi te bedelven.

Je vraagt: Heeft een kind evenveel recht op privacy en vrijheid als de ouders voor zichzelf verwachten?
Het heeft daar zelfs meer recht op dan de ouders, omdat het aan het beging van zijn leven staat. De ouders zijn reeds belast, zijn al kreupel, zij hebben al krukken nodig. Het heeft meer recht zichzelf te zijn. Het heeft privacy nodig, maar dat staan zijn ouder hem niet toe; zij zijn heel bang voor de privacy van het kind. Zij steken voortdurend hun neus in de zaken van het kind, zij willen overal wat over te zeggen kunnen hebben.

Het kind heeft privacy nodig, want alles wat mooi is groeit in privacy. Denk eraan: het is een van de meest fundamentele wetmatigheden van het leven. Wortels groeien onder de grond, en als je ze uitgraaft beginnen ze af te sterven. Zij hebben privacy nodig, absolute privacy. Het kind in moeders baarmoeder groeit in het donker, in privacy. Als je het kind aan het licht brengt, in het publiek, zal het sterven. Het heeft negen maanden absolute privacy nodig. Alles wat moet groeien heeft privacy nodig. Een volwassene heeft niet zo veel privacy nodig, want hij is al volwassen, maar een kind heeft veel meer privacy nodig. Maar niemand laat hem met rust.

Ouders zijn vreselijk ongerust als ze merken dat het kind even weg is, of alleen; ze worden meteen ongerust. Ze zijn bang, want als het kind alleen is, begint het zijn eigen individualiteit te ontwikkelen. Je moet het altijd in de buurt houden, zodat de ouders een oogje in het zeil kunnen houden, want door dat opletten staan ze niet toe dat het zijn eigen individualiteit gaat ontwikkelen; hun oppassen bedekt hem, pakt hem in een persoonlijkheid in.

Persoonlijkheid is niets anders dan een omhulsel. Het komt van een prachtig woord: persona; persona betekent masker. In Griekse drama’s gebruikten de acteurs maskers. Sona betekent geluid, per betekent: door. Zij spraken door het masker, je kon hun eigen gezicht niet zien, je kon alleen hun stem horen. Daarom werd het masker persona genoemd, omdat je het geluid erdoorheen hoorde, en van het woord persona werd het woord persoonlijkheid afgeleid.

uit Osho: Kinderen & ouders vrijheid toestaan, privacy respecteren & intelligentie voeden

OSHO PUBLIKATIES
Churchillstraat 11, 7091 XL Dinxperlo
tel. +31-(0)315 – 654 737
e-mail: info@osho.nl

© Copyright teksten, foto’s en illustraties van Osho: Osho International Foundation
© Copyright Nederlandse teksten van Osho: Osho Publikaties
Voor informatie over kopiëren/publiceren van teksten van Osho, zie: 
www.osho.com/copyrights