Creativiteit en ontspannen zijn.

Creativiteit is - heel paradoxaal - een staat van bewustzijn en zijn. Het is doen door niet te doen, het is wat Lao Tse wei wu wei noemt. Het is iets door middel van jou laten gebeuren. Het is geen doen, het is een toestaan. Je wordt een doorgang, zodat het geheel door je heen kan stromen als was je een holle bamboe, gewoon een holle bamboe. Dan zal er onmiddellijk iets gebeuren, want achter de mens gaat God schuil. Gun hem, ten einde via jou te verschijnen, gewoon een beetje ruimte, een kleine doorgang. Dat is creativiteit. God toestaan er te zijn, is creativiteit. Creativiteit is een religieuze staat van zijn.

Daarom zeg ik dat de dichter God veel meer benadert dan de theoloog, en de danser benadert hem nog meer. De filosoof staat het verst van hem af, want hoe meer je denkt, hoe dikker de muur die je tussen jou en het geheel optrekt. Hoe meer je denkt, hoe meer jij er bent. Het ego is niets anders dan alle in het verleden verzamelde gedachten. Wanneer jij er niet bent, is God er. Dat is creativiteit.

Creativiteit betekent eenvoudig dat je totaal ontspannen bent. Dat wil niet zeggen dat je niets doet, het duidt op ontspanning - en uit ontspanning komt veel handeling voort. Het is echter niet iets dat jij doet, jij bent gewoon een voertuig. Er klinkt een lied in je op, maar jij bent er niet de schepper van, het komt uit het onbekende. Het komt altijd uit het onbekende. Als jij er de schepper van bent, klinkt het gewoontjes, doorsnee. Maar komt het via jou, dan is het van een enorme schoonheid en draagt het iets van het onbekende in zich mee.

Toen de grote dichter Coleridge overleed, liet hij duizenden onvoltooide gedichten na. Men vroeg hem in zijn leven dikwijls: ‘Waarom maak je deze gedichten niet af?’ - want aan sommige gedichten ontbraken nog maar één of twee regels. ‘Waarom maak je ze niet af?’ Hij placht dan te antwoorden: ‘Dat kan ik niet. Ik heb het geprobeerd, maar als ik ze probeer te voltooien, gaat er iets mis, het gaat fout. Mijn versregels komen nooit overeen met datgene wat via mij is ontstaan. Ze vormen een struikelblok, een obstakel, ze belemmeren de stroom. Ik moet dus wachten. Wie het ook is die door mij heen stroomde, als hij weer gaat stromen en het gedicht voltooit, is het af, niet eerder.’
Hij maakte slechts een paar gedichten af. Maar die zijn van een grootse schoonheid, van grote mystieke pracht. Zo gaat het altijd: als de poëet verdwijnt, is er creativiteit. Dan is hij bezeten… Ja, dat is het woord, hij is bezeten. Bezeten zijn van God is creativiteit.

Simone de Beauvoir zei ooit: ‘Het leven behelst zowel zelfinstandhouding als zelfoverstijging; als het zichzelf slechts in stand houdt, is leven niets anders dan niet doodgaan.’ De mens die niet creatief is, is alleen maar niet stervende, dat is alles. Zijn leven heeft geen diepte. Zijn leven is nog geen leven maar slechts een voorspel; het boek des levens is nog niet begonnen. Hij is weliswaar geboren, maar hij leeft niet.

Als je creatief wordt, als creativiteit zich via jou aandient en je een lied laat zingen dat niet van jou is, dat je niet van je handtekening kunt voorzien en waarvan je niet zegt: ‘Het is van mij,’ – een lied waarop je geen recht doet gelden - dan krijgt het leven vleugels en wint het aan kracht. Door creativiteit overstijg je het leven. Anders ga je hoogstens door met jezelf in stand te houden. Je verwekt een kind - dat is geen creativiteit. Jij gaat dood en het kind is hier om het leven verder in stand te houden. Maar instandhouding is niet genoeg indien je jezelf niet overstijgt - en deze zelfoverstijging voltrekt zich alleen maar als iets van het onbekende met jou in contact komt.

Dat is het waar het bij transcendentie om gaat - overstijging. En in die overstijging gebeurt het wonder: jij bent er niet, en toch ben je, voor het eerst.

De essentie van wijsheid is dat je handelt in harmonie met de natuur. Dat is de boodschap van alle grote mystici - Lao Tse, Boeddha, Bahauddin, Sosan, Sanai. Te handelen in harmonie met de natuur. Dieren handelen onbewust in harmonie met de natuur. De mens moet bewust in harmonie met de natuur handelen. Omdat hij bewustzijn heeft kan de mens ervoor kiezen niet in harmonie te handelen; vandaar zijn grote verantwoordelijkheid.
 
De mens is verantwoordelijk. Alleen de mens kent verantwoordelijkheid, dat is zijn grootsheid. Geen enkel ander dier is verantwoordelijk - het handelt eenvoudig in harmonie, er is geen kans dat het de verkeerde kant opgaat. Het dier kan niet verdwalen; het is nog niet in staat te verdwalen; het is zich nog niet bewust van iets. Het functioneert zoals jij in diepe slaap functioneert. In diepe slaap ben je ook in harmonie met de natuur. Daarom is diepe slaap zo verjongend, zo ontspannend. Slechts een paar minuten van diepe slaap en je bent weer fris en jong en al het stof dat je hebt verzameld, alle vermoeidheid en landerigheid zijn verdwenen. Je stond in verbinding met de bron.

Maar dit is een dierlijke manier om met de bron in aanraking te komen; slaap is een dierlijke manier om contact te leggen met de bron. Dieren zijn horizontaal, de mens is verticaal. Als je wilt gaan slapen moet je een horizontale houding aannemen. Je kunt alleen maar in horizontale houding in slaap vallen - als je rechtop staat val je niet in slaap, dat is in ieder geval lastig. Je moet weer teruggaan, miljoenen jaren terug en als een dier worden. Als je plat gaat liggen, evenwijdig aan de aarde, verdwijnt plotseling je zelfbewustzijn en opeens voel je je niet meer verantwoordelijk.

Op grond van dit feit verkoos Sigmund Freud de divan voor zijn patiënten. Niet ten gerieve van de patiënt, het was strategie. Als de patiënt eenmaal horizontaal ligt, raakt hij zijn gevoel van verantwoordelijkheid kwijt. Want al voelt hij zich volkomen vrij om van alles te zeggen, hij zal niet onbewust allerlei dingen gaan vertellen. Als hij verantwoordelijk blijft en in verticale houding, is hij voortdurend in afweging iets al of niet te zeggen. Hij past censuur toe. Wanneer hij horizontaal op de divan ligt, en de psychoanalyticus zit erachter en is voor hem onzichtbaar – dan wordt hij plotseling weer als een dier en verdwijnt zijn verantwoordelijkheidsgevoel. Hij begint over dingen te babbelen die hij nooit iemand, een vreemde zou hebben verteld. Hij vertelt dingen die diep in zijn onbewuste sluimeren; onbewuste dingen die dan aan de oppervlakte komen. Het is een strategie - een freudiaanse strategie - om de patiënt volkomen hulpeloos te maken, als was hij een kind of een dier.

Zodra jij je niet verantwoordelijk voelt, word je natuurlijk. Psychotherapie is daarbij van grote waarde geweest; het ontspant je. Alles wat je onderdrukt hebt, komt naar de oppervlakte waarna het verdampt. Na door psychoanalyse te zijn gegaan, ben je minder belast, word je natuurlijker, ben je meer in harmonie met de natuur en met jezelf. Dat is de betekenis van gezond zijn. Het betreft hier echter een teruggaan, regressie. Alsof je de kelder ingaat. Er is een andere manier om jezelf te overstijgen, en dat is naar de zolder gaan - niet de manier van Sigmund Freud maar de manier van Boeddha. Je kunt jezelf overstijgen door bewust in contact te zijn met de natuur. Dat is de essentie van wijsheid - in harmonie zijn met de natuur, met het natuurlijke ritme van het universum. En telkens wanneer je in harmonie bent met het natuurlijke ritme van het universum, ben je een dichter, een schilder, een musicus, een danser.

Probeer het eens.
Probeer, als je een poosje bij een boom zit, er bewust mee in harmonie te raken. Word één met de natuur; laat grenzen verdwijnen. Word de boom, word het gras, word de wind - en plotseling zul je zien dat er iets met je gebeurt dat nooit eerder gebeurde. Je ogen worden psychedelisch: bomen worden groener dan ze ooit waren, rozen zijn nog meer roos en alles lijkt licht te geven. Opeens wil je een lied zingen, niet wetend waar het vandaan komt. Je voeten staan klaar om te gaan dansen; je voelt de dans in je aderen bruisen, je hoort het geluid van muziek in en om je heen…
Dit is de staat van creativiteit. Je zou het de basiskwaliteit ervan kunnen noemen: in harmonie zijn met de natuur, in harmonie zijn met het leven, met het universum.

Lao Tse gaf het een prachtige naam: wei wu wei, doen door niet te doen. Dat is de paradox van creativiteit. Als je een schilder ziet schilderen, is hij zeker actief, uiterst actief, waanzinnig actief - hij is één en al actie. Of als je een danser ziet dansen: één en al actie. Maar toch is er, diep van binnen niet iemand die handelt, die iets doet; er is alleen maar stilte. Vandaar dat ik zeg dat creativiteit een paradoxale staat is. Elke mooie zijnstoestand is paradoxaal. Hoe hoger je stijgt, hoe dieper je terechtkomt in de paradox van de realiteit. De hoogste vorm van handeling gepaard aan de hoogste vorm van ontspanning… Aan de oppervlakte gebeurt van alles, in de diepte gebeurt niets, of liever nog: slechts het niets voltrekt zich.

Toegeven aan een kracht die niet de jouwe is, je overgeven aan een kracht die boven je uitstijgt, dat is creativiteit. Meditatie is creativiteit. Als het ego verdwijnt, verdwijnt de wond in jou; dan ben je geheeld, dan ben je heel. Het ego is je ziekte. En wanneer het ego verdwenen is, verkeer je niet langer in een slaaptoestand; je begint te stromen. Je gaat meestromen met de onmetelijke stroom van het bestaan.

Norbert Weiner zei: ‘Wij zijn geen materiaal dat blijft maar patronen die zichzelf handhaven, draaikolken in het water van een eeuwig stromende rivier.’ Zo bezien ben je geen ego, maar een gebeurtenis, of een proces van gebeurtenissen. Dan ben je een proces en geen ding. Bewustzijn is geen ding, het is een proces - maar wij hebben het tot ding gemaakt. Zodra je het ‘ik’ noemt, wordt het een ding - gedefinieerd, begrensd, slapend, stilstaand, en dan begint het sterven.

Het ego is je dood, en de dood van het ego is het begin van je werkelijke leven. Het echte leven is creativiteit.

Om te leren creatief te zijn is elke school overbodig. Het enige dat nodig is, is naar binnen te keren om te helpen het ego op te lossen. Ondersteun het niet, blijf het niet versterken en voeden. En telkens als het ego er niet is, is alles waarheid, is alles prachtig. Wat er dan ook gebeurt, is goed.

Ik zeg niet dat jullie allemaal een Picasso of een Shakespeare zullen worden, dat zeg ik niet. Een enkeling onder jullie zal schilder worden, een enkeling zanger, musicus, danser - maar daar gaat het niet om. Ieder van jullie zal op zijn eigen manier creatief zijn. Misschien word je wel kok, maar dan wel een creatieve kok. Of je wordt gewoon schoonmaker, maar ook dan is er creativiteit.

Er zal geen verveling zijn. Je wordt vindingrijk in kleine dingen. Zelfs schoonmaken zal iets van verering hebben, van gebed, dus wat je ook gaat doen, het heeft de smaak van creativiteit. Overigens hebben we niet zo veel schilders nodig - als iedereen schilder werd, ging dat problemen geven. Ook zijn er niet zo veel dichters nodig; er is behoefte aan tuinlieden, boeren - we hebben behoefte aan allerlei soorten mensen. Maar iedereen kan creatief zijn. Is iemand meditatief en zonder ego, dan begint God door hem heen te stromen. Naar gelang zijn capaciteiten en in overeenstemming met zijn potentieel neemt God vorm in hem aan. En alles is goed. Je hoeft niet beroemd te worden. Een werkelijk creatief mens kan het geen barst schelen of hij beroemd wordt; er is geen behoefte aan. Hij voelt zich zo enorm vervuld door alles wat hij doet, hij is zo tevreden met alles wat hij is, waar hij ook maar is, dat er helemaal geen verlangen is. Als je creatief bent, verdwijnt verlangen. Ben je creatief, dan verdwijnt ambitie. Ben je creatief, dan ben je reeds wat je altijd al had willen zijn.

uit Osho: Creativity - Unleashing the Forces Within

OSHO PUBLIKATIES
Churchillstraat 11, 7091 XL Dinxperlo
tel. +31-(0)315 – 654 737
e-mail: info@osho.nl

© Copyright teksten, foto’s en illustraties van Osho: Osho International Foundation
© Copyright Nederlandse teksten van Osho: Osho Publikaties
Voor informatie over kopiëren/publiceren van teksten van Osho, zie: 
www.osho.com/copyrights