De helende kracht van liefde

Iedereen wordt zo opgevoed dat iedereen idealistisch is geworden. Niemand is realistisch. Het ideaal is de meest voorkomende ziekte van de mensheid.

Iedereen wordt zodanig opgevoed, dat iedereen maar blijft denken dat ze ergens in de toekomst, iets of iemand moeten zijn. Een bepaald beeld wordt aangereikt en dan moet je zo zijn. Dat brengt spanning omdat je zo niet bent, je bent anders en toch moet je zo zijn.

Dus blijf je het werkelijke afkeuren ten gunste van het denkbeeldige – en het denkbeeldige is onwerkelijk. En het ideaal blijft je naar de toekomst trekken, weg van het heden.

Het ideaal wordt een voortdurende nachtmerrie omdat het blijft afkeuren. Alles wat je doet is onvolmaakt, want je hebt een ideaal over volmaaktheid. Alles wat je hebt bereikt geeft nog steeds geen voldoening, omdat je een idiote verwachting hebt waaraan nooit kan worden voldaan.

Je bent mens in een bepaalde tijd, in een bepaalde leefwereld en met zekere beperkingen. Accepteer die beperkingen. Perfectionisten zitten altijd op de rand van gek worden. Het zijn geobsedeerde mensen: wat ze ook doen is nooit goed genoeg. En er is geen manier om iets volmaakt te doen – volmaaktheid is menselijk onmogelijk. Onvolmaakt is in feite de enige manier om te bestaan. Dus wat leer ik je hier? Ik leer je geen volmaaktheid, maar ik leer je heelheid. Dat is iets volkomen anders. Wees heel. Maak je niet druk over volmaaktheid. Wanneer ik zeg, wees heel, bedoel ik: wees echt, wees hier, en wat je ook doet, doe het totaal. Je bent onvolmaakt, maar je onvolmaaktheid is vol schoonheid, het is vol van je totaal zijn. Probeer nooit volmaakt te zijn, anders creëer je veel onrust. Er zijn al zoveel problemen, veroorzaak niet nog meer problemen voor jezelf.

Ik hoorde het volgende:

Het gebeurde eens dat de sjofele, bezorgde Garfinkel in een trein zat met een drie jaar oud jongentje. Elke paar minuten gaf hij het kind een pak voor de broek.
‘Als je die baby nog een keer slaat,’ zei een vrouw die tegenover hem zat, ‘bezorg ik je zoveel narigheid dat je het nooit meer vergeet!’
‘Narigheid?’ zei Garfinkel. ‘Je gaat me narigheid bezorgen? Dame, mijn partner heeft al mijn geld gestolen en ging er met mijn vrouw en mijn auto vandoor. Mijn dochter zit in de restauratiewagen, is zes maanden zwanger en heeft geen man. Mijn bagage is weg, ik zit in de verkeerde trein en deze kleine stinkerd heeft net de kaartjes opgegeten en kotste het allemaal over me heen. En dame, ú gaat me narigheid bezorgen?’

Wat voor narigheid kun je nu nog meer hebben? Genoeg is genoeg, denk je ook niet?

Het leven zelf is zo ingewikkeld, wees alsjeblieft wat vriendelijker voor jezelf. Schep geen idealen. Het leven veroorzaakt genoeg problemen, maar die problemen kunnen opgelost worden. Als je in een verkeerde trein zit, kun je overstappen; als de kaartjes weg zijn, kun je nieuwe kopen; als je vrouw is weggelopen, vind je wel een andere vrouw. De problemen die het leven je bezorgt, kunnen opgelost worden, maar de problemen die idealisme je brengt, kunnen nooit opgelost worden – ze zijn hopeloos.
De een probeert Jezus te worden… Maar dat gaat niet, zo werkt het niet, de natuur staat het niet toe. Een Jezus verschijnt maar eenmaal, en echt maar eenmaal; de natuur accepteert geen herhaling.

Iemand anders probeert als Boeddha te worden – hij probeert gewoon het onmogelijke. Het gebeurt eenvoudig niet, het kan niet, het gaat tegen de natuur in. Je kunt alleen maar jezelf zijn. Wees dus totaal. Waar je ook bent en wat je ook doet, doe het totaal. Ga er in, laat het je meditatie worden. Maak je geen zorgen of het al dan niet volmaakt is – het zal niet volmaakt zijn. Het is voldoende als het totaal is. En als het totaal was, had je er plezier in dat te doen, beleefde je er voldoening aan, ging je erin op, werd je erdoor geabsorbeerd, kwam je er als nieuw en fris en jeugdig en verjongd uit tevoorschijn.

Elke handeling die je totaal doet, is verjongend, en elke handeling die je totaal doet, brengt nooit enige gebondenheid met zich mee. Leef totaal en dan ontstaat er geen gebondenheid; heb je gedeeltelijk lief dan ontstaat er wel gebondenheid. Leef totaal en je bent niet bang voor de dood, leef gedeeltelijk en je bent wel bang voor de dood.

Vergeet het woord ‘volmaaktheid’ maar. He is een van de meest criminele woorden. Dit woord zou uit alle talen in de wereld moeten worden geschrapt, het zou uit de menselijke mind moeten verdwijnen. Niemand is ooit volmaakt geweest, en niemand kan het ooit zijn. Kun je het niet zien? En zelfs als er een god bestaat en je hem tegenkomt, kun je dan in zijn schepping geen gebreken ontdekken? Zo vele, daarom houdt hij zich schuil. Hij is bijna bang voor je. Gebreken en gebreken en nog eens gebreken. Kun je ze tellen? Je vindt oneindig veel gebreken. Als je een ontdekker van gebreken bent, kun je in feite niets vinden dat in orde is – op het goede moment en op de juiste plek. Alles lijkt gewoon troep te zijn. Zelfs je god is niet volmaakt, het goddelijke is totaal. Hij had er plezier in het te doen en hij geniet nog steeds van het doen. Maar hij is niet volmaakt. Als hij volmaakt was, kon de schepping niet onvolmaakt zijn. Uit volmaaktheid komt het volmaakte voort.

uit Osho: Compassie - laat je liefde bloeien

OSHO PUBLIKATIES
Churchillstraat 11, 7091 XL Dinxperlo
tel. +31-(0)315 – 654 737
e-mail: info@osho.nl

© Copyright teksten, foto’s en illustraties van Osho: Osho International Foundation
© Copyright Nederlandse teksten van Osho: Osho Publikaties
Voor informatie over kopiëren/publiceren van teksten van Osho, zie: 
www.osho.com/copyrights