OSHO ZEN TAROT


mood of the moment:

10 van wolken:
Wedergeboorte
Rebirth

 

 

Commentaar op de kaart:
Deze kaart geeft de evolutie van het bewustzijn weer, zoals Friedrich Nietzsche deze in zijn boek Aldus Sprak Zarathoestra heeft beschreven. Hij spreekt over drie niveaus: de kameel, de leeuw en het kind. De kameel is slaperig, mat, zelfgenoegzaam. Hij leeft in de waan dat hij een bergtop is, maar in werkelijkheid trekt hij zich zoveel aan van de mening van anderen, dat hij zelf nauwelijks energie heeft. Uit de kameel komt de leeuw te voorschijn. Als we beseffen dat we het leven hebben misgelopen, gaan we de eisen die anderen aan ons stellen afwijzen. We trekken ons terug uit de massa, we staan zelfverzekerd alleen en brullen onze waarheid uit. Maar daarmee is het niet afgelopen. Ten slotte komt het kind te voorschijn, het is niet inschikkelijk, ook niet opstandig, maar onschuldig en spontaan en trouw aan zijn eigen wezen.
Wat je gemoedstoestand nu ook is – slaperig en gedeprimeerd of brullend en opstandig – weet wel dat het zich tot iets nieuws ontwikkelt als jij dat toestaat. Het is een periode van groei en verandering.


En Osho zegt:
‘‘In zen kom je nergens vandaan en ga je nergens heen. Je bent gewoon nu, hier, je komt evenmin als dat je gaat. Alles trekt aan je voorbij; je bewustzijn weerspiegelt het, maar vereenzelvigt zich niet.
Als een leeuw voor de spiegel brult, denk je dat de spiegel dan meebrult? Of dat de spiegel als de leeuw weg is en er een kind voor gaat staan dansen, de leeuw helemaal vergeet en met het kind mee gaat dansen – denk je dat de spiegel met het kind meedanst? De spiegel doet niets, hij weerspiegelt alleen maar. Je bewustzijn is niet meer dan een spiegel.
Je komt niet en evenmin ga je. Dingen komen en gaan. Je groeit op, je wordt oud; je leeft, je bent dood.
Al die toestanden zijn gewoon een weerspiegeling in een eeuwig meer van bewustzijn.’

uit het OSHO ZEN TAROT HANDBOEK:
10 van wolken / het denken: Wedergeboorte Rebirth

De echte wijze wordt weer een kind. De cirkel is gesloten: van het kind terug naar het kind. Maar het verschil is groot… De eerste geboorte is die van het lichaam en de tweede geboorte is die van het bewustzijn.

Zarathustra verbeeldt de fasen waarin de evolutie van het bewustzijn zich heeft voltrokken in drie symbolen: de kameel, de leeuw en het kind. De kameel is een lastdier, bereid zich te onderwerpen, nooit rebels. Hij kan nooit nee zeggen. Hij is een gelovige, een volgeling, een trouwe slaaf. Dat is de laagste fase van menselijk bewustzijn.

De leeuw staat voor een revolutie. Het begin van de revolutie is een plechtig nee. In het bewustzijn van de kameel is er altijd iemand nodig die de leiding heeft en die tegen hem zegt: ‘Jij moet dit doen.’ Hij heeft de Tien Geboden nodig. Hij heeft alle religies, alle priesters en alle heilige geschriften nodig, omdat hij niet op zichzelf durft vertrouwen. Hij heeft geen moed en geen ziel en geen verlangen naar vrijheid. Hij is gehoorzaam.

De leeuw betekent een verlangen naar vrijheid, een verlangen om alle vormen van knechting te vernietigen. De leeuw heeft geen behoefte aan een leider, hij kan het zelf wel aan. Je moet niet tegen hem zeggen: ‘Dat moet je.’ Dat is een belediging voor zijn trots. Hij kan alleen zeggen: ‘Ik wil.’ De leeuw betekent verantwoordelijkheid en een enorme inspanning om alle ketens te verbreken.
Maar de leeuw is nog niet de hoogste piek van menselijke groei. De hoogste piek wordt bereikt wanneer de leeuw nog een gedaanteverwisseling ondergaat en een kind wordt. Het kind betekent onschuld. Het betekent niet gehoorzaamheid, het betekent niet ongehoorzaamheid, het betekent niet geloof, het betekent niet ongeloof. Het betekent puur vertrouwen, het betekent een plechtig ja naar het bestaan en naar het leven en alles wat het inhoudt. Het kind betekent de absolute piek van zuiverheid, oprechtheid, oorspronkelijkheid, ontvankelijkheid en openheid naar het bestaan. Het zijn prachtige symbolen.

Zarathustra voelt geen genegenheid voor de zwakken, geen genegenheid voor de zogenaamde nederigen. Hij is het niet eens met Jezus als die zegt ‘Zalig zijn de zachtmoedigen’ en ‘Zalig zijn de armen’ en ‘Zalig zijn de nederigen want zij zullen het Koninkrijk Gods beërven’. Zarathustra heeft een voorkeur voor een sterke geest. Hij is tegen het ego, maar hij is niet tegen de trots. Trots is de waardigheid van de mens. Ego is een valse grootheid en je moet fierheid en ego nooit als synoniem beschouwen.

Het ego is iets dat je berooft van je waardigheid, dat je berooft van je trots, omdat het ego zich moet verlaten op anderen, op de mening van anderen, op wat de mensen zeggen. Het ego is erg broos. De mening van mensen hoeft maar te veranderen en het ego is nergens meer.

Het ego is een bijproduct van de openbare mening. Die geeft het je en kan het je ook weer afnemen. Trots is iets totaal anders. De leeuw heeft trots. Een hert in het bos – kijk maar eens – heeft een trots, een waardigheid, een gratie. Een pauw die danst of een arend die hoog in de lucht vliegt -- zij hebben geen ego’s, ze zijn niet afhankelijk van jouw mening – ze zijn gewoon waardig zoals ze zijn. Hun waardigheid komt voort uit hun eigen wezen. Laat dit goed tot je doordringen want alle religies leren je juist om niet trots te zijn – wees nederig. De hele wereld verkeert nu in de waan dat je trots hebben en een egoïst zijn synoniemen zijn.

Zarathustra steekt niet onder stoelen of banken dat zijn sympathie uitgaat naar de sterke mens, naar de moedige mens, naar de avonturier die onbevreesd het onbekende binnengaat, onbetreden paden betreedt. Hij ziet graag dat een mens onbevreesd is. En wonderlijk genoeg kan een trotse mens – en ook alleen maar een trotse mens – een kind worden.

De zogenaamde christelijke nederigheid is gewoon het ego dat op zijn kop gezet is. Het ego staat ondersteboven, maar het is er en je kunt aan je heiligen zien dat ze egoïstischer zijn dan gewone mensen. Ze zijn egoïsten tengevolge van hun vroomheid, hun strenge ascese, hun spiritualiteit, hun heiligheid, zelfs door hun vertoon van nederigheid. Niemand is nederiger dan zij. Het ego heeft een heel subtiele manier om door de achterdeur binnen te komen. Je kunt het door de voordeur naar buiten gooien, het weet dat er ook een achterdeur is.

Het is volkomen juist om de kameel te kiezen voor het laagste bewustzijn. Het laagste bewustzijn in de mens is als verlamd, het wil tot slaaf gemaakt worden. Het is bang voor vrijheid omdat het bang is voor verantwoordelijkheid. Het is bereid zich met zoveel mogelijk lasten te laten opzadelen. Het vindt het fijn om een flinke last te dragen. Dat is kenmerkend voor het laagste bewustzijn: de last willen torsen van kennis die het niet van zichzelf heeft. Geen mens die zichzelf respecteert wil gebukt gaan onder de last van geleende kennis. Die kennis is beladen met een moraal die door de doden aan de levenden is overgedragen, ze is een heerschappij van de doden over de levenden. Geen mens die zichzelf respecteert zal toestaan dat de dood over hem heerst.

Het laagste bewustzijn van de mens blijft onwetend en onbewust, zonder gewaarzijn, vast in slaap – omdat het voortdurend het vergif krijgt toegediend van dingen voor waar te moeten aannemen, van op gezag geloven, van nooit twijfelen, van nooit nee zeggen. En een mens die geen nee kan zeggen, is zijn zelfrespect kwijt. En als een mens geen nee kan zeggen… betekent zijn ja helemaal niets. Begrijp je hoe uit het een het ander volgt?

Het ja is alleen van betekenis als je ook nee kunt zeggen. Als je niet nee kunt zeggen, is je ja machteloos, betekent het niets.

Vandaar dat de kameel moet veranderen in een prachtige leeuw, die nog liever sterft dan zich te laten onderwerpen. Je kunt van een leeuw geen lastdier maken. Een leeuw heeft een waardigheid waar geen enkel ander dier aanspraak op kan maken. Hij heeft geen schatten, geen koninkrijken. Zijn waardigheid zit gewoon in zijn manier van zijn: zonder vrees, niet bang voor het onbekende, bereid om zelfs nee te zeggen met het risico te sterven. Deze bereidheid nee te zeggen, deze opstandigheid, zuivert hem van alle vuil dat de kameel heeft achtergelaten, van alle sporen en voetafdrukken die de kameel achter heeft gelaten. En alleen na de leeuw – na het grote nee – is het plechtige ja van een kind mogelijk.

Het kind zegt geen ja omdat het bang is. Het zegt ja omdat het liefheeft, omdat het vertrouwen heeft. Het zegt ja omdat het onschuldig is, het kan zich niet voorstellen dat het teleurgesteld kan worden. Zijn ja is een enorm vertrouwen. Dat ontstaat niet uit angst, het ontstaat vanuit diepe onschuld. Alleen dit ja kan hem naar de hoogste piek van bewustzijn leiden, die ik goddelijkheid noem.

Het kind is de hoogste piek in evolutie wat het bewustzijn betreft. Maar het kind dient hier alleen als een symbool. Het houdt niet in dat kinderen de hoogste staat van zijn belichamen. We spreken symbolisch van kind omdat een kind nog geen weet heeft van dingen. Het is onschuldig en doordat het onschuldig is, is het één en al verwondering en doordat het zich de ogen uitkijkt, gaat zijn ziel naar het mysterieuze verlangen. Een kind is een begin, een spel. En zo zou het leven moeten zijn: een eeuwig begin en een spel, een eeuwig lachen en nooit bittere ernst.

Een plechtig ja is nodig, maar het plechtige ja kan alleen volgen op een plechtig nee. De kameel zegt ook ja maar dat is het ja van een slaaf. Hij kan geen nee zeggen. Zijn ja is zonder betekenis. De leeuw zegt nee! Maar hij kan geen ja zeggen. Het gaat tegen zijn hele natuur in. Het doet hem denken aan de kameel. Hij heeft de kameel achter zich kunnen laten en ja zeggen herinnert hem er natuurlijk weer aan: het ja van de kameel en de slavernij. Nee, het dier in de kameel kan niet nee zeggen. In de leeuw kan het dat wel maar daar kan het weer niet ja zeggen.

Het kind weet niets van de kameel, weet niets van de leeuw. Daarom zegt Zarathustra: ‘Een kind is onschuld en onnadenkendheid…’ Zijn ja is zuiver en het is in staat om nee te zeggen. Als het toch niet nee zegt, komt dat omdat het vertrouwen heeft, niet omdat het bang is, niet uit angst maar uit vertrouwen. En wanneer ja uit vertrouwen gezegd wordt, is dit de grootste metamorfose, de grootste transformatie waarop je kunt hopen.

Deze drie symbolen zijn prachtig om te onthouden. Bedenk dat je je bevindt op het punt waar de kameel is en bedenk dat je in de richting van de leeuw moet gaan, en bedenk dat je niet moet stoppen bij de leeuw. Je moet verdergaan, naar een nieuw begin, naar onschuld en naar een plechtig ja – naar het kind.

 

 OSHO PUBLIKATIES
 
Churchillstraat 11, 7091 XL Dinxperlo
  tel. +31-(0)315 – 654 737

 e-mail: info@osho.nl

 
© Copyright teksten, foto’s en illustraties van Osho: Osho International Foundation
 © Copyright Nederlandse teksten van Osho: Osho Publikaties
Voor informatie over kopiëren/publiceren van teksten van Osho, zie: 
www.osho.com/copyrights